Klooster&Buren: samen het heft in handen

Wat vinden wij, bewoners, voor onze dorpen belangrijk? Hoe kunnen we het zelf regelen dat de leefbaarheid en zorg behouden blijven, nu en in de toekomst? En hoe werken we hierin samen met de gemeente en andere betrokken organisaties? In de Groninger dorpen Kleine Huisjes, Hornhuizen, Kruisweg, Molenrij en Kloosterburen leidden deze vragen in 2015 tot het oprichten van de coöperatie Klooster&Buren. Anne Hilderink vertelt hoe dat ging en hoe het gaat.

Voor wie dit leest, is het goed om te weten dat de coöperatie voortkomt uit een traject van zo’n tien jaar ‘doen’. Want dat benadrukt Anne Hilderink, initiator en ontwikkelaar van dit proces sinds 2006: “Het is inderdaad vooral een kwestie van ‘doen’! Samen, luisteren naar elkaar, elkaars talenten benutten en zoeken naar wat allemaal wél kan.” Hiermee benadrukt ze hoe jammer het is dat ‘krimp’ en ‘bevingen’ zo zwaar gelinkt worden aan het mooie Groninger land. “Die negatieve klanken doen de mensen die hier wonen geen goed; het raakt en schaadt hen rechtstreeks.” Dat kan mensen verlammen, maar het kan ook nieuw vuur ontsteken. Het kan de verbondenheid met de plek, met de oude grond en historie en met elkaar als gemeenschap vergroten. Precies dát gebeurde in Kloosterburen en omgeving. “Wij denken dat de uniekheid van deze plek vraagt om investering.”

Samen werken, samen eten: in de tuin bij boerderij Olde Klooster.
Samen werken, samen eten: in de tuin bij boerderij Olde Klooster.

Hoe kan het ánders
Niet altijd kan alles blijven zoals het is. Dat hoeft ook niet. Maar daar waar financiën een rol spelen, betekent ‘minder geld’ vaak ‘snijden’: met de kaasschaaf of rigoureus met een mes. In dorpen leidt dat maar al te vaak tot het verdwijnen van voorzieningen. “Wij stonden ook voor zo’n situatie. Bovendien was er leegstand en verwaarlozing van belangrijke monumenten. En door beleidsveranderingen kozen zorgaanbieders voor schaalvergroting en investeringen elders in plaats van voor ontwikkeling hier. Door de lagere budgetten werd de zorg steeds minder. Als dorp ondersteunden we de zorgorganisaties toen door bijvoorbeeld ruimtes te huren en door te helpen bij de dagbesteding. Later stond de zorg voor onze kwetsbare familie en buren toch op het punt geheel te verdwijnen. Als gemeenschap besloten we dat we dat wilden voorkomen”, verklaart Anne. “Dat besluit kwam voort uit het besef dat iedereen in zijn leven wel eens zorg nodig heeft. Het ene moment zorg jij voor iemand en het andere moment ontvang je zorg.”

Dan volgt natuurlijk de vraag: hóe wil je voorkomen dat de zorg verdwijnt? En als dat proces niet te stoppen blijkt: hoe kan het dan anders? “We hadden geen pasklare antwoorden”, benadrukt Anne. “Maar de wil was er om te doen wat nodig zou zijn. Praten met de gemeente, zorgorganisaties en zorgverzekeraars; luisteren naar de mensen die het betreft en naar hun naasten; overleggen met dorpsgenoten en naar betrokken experts in de regio, elders in Nederland en uit het buitenland.” Al het praten, luisteren en overleg kreeg vorm in ‘Ateliers’: studiedagen op locatie met alle betrokkenen om samen de basis te leggen voor steeds nieuwe vervolgstappen. “Zo ontstond langzamerhand een gezamenlijke visie op de toekomst voor onze dorpen”, laat Anne, zelf beeldend kunstenaar, zien.

Klooster&Buren
Uit de Ateliers voor de Zorg in 2011-2012 werd duidelijk dat de behoefte en de wil aanwezig waren om de zorg anders te organiseren. Er kwam in 2013 met twee zorgaanbieders een samenwerkingsovereenkomst waarin wonen voor mensen met een beperking is gerealiseerd in een vleugel van verzorgingshuis ‘t Olde Heem en waarbij de (nacht)zorg is gedeeld. In dit samenwerkingsverband was ook afgesproken dat de gemeenschap een coöperatie zou oprichten en dat de regie van de verdere ontwikkeling bij de coöperatie zou liggen. Van hieruit volgde in juni 2015 de officiële start van de dorpencoöperatie Klooster&Buren van de dorpen Hornhuizen, Kruisweg, Kleine Huisjes, Molenrij en Kloosterburen. Een paar maanden later, in oktober, besloot een van de betrokken zorgaanbieders zich terug te trekken uit Kloosterburen. Ze wilden ‘t Olde Heem sluiten. De coöperatie besloot het pand te kopen en de zorg zelf verder te ontwikkelen. Dat is inmiddels gerealiseerd. Het zorgpersoneel is nu in dienst van de coöperatie en werkt als een zelfsturend team. Anne: “Het uitgangspunt daarbij is om te denken vanuit vitaliteit, niet vanuit afhankelijkheid: wat geeft iemand zelf aan nodig te hebben. Autonomie en zelfredzaamheid staan centraal en het team ondersteunt waar nodig. Deze werkwijze komt voort uit wat ouderen van boven de 80 en de mensen met een verstandelijke beperking tijdens de Ateliers voor de Zorg naar voren brachten.”

Alle inwoners van de dorpen kunnen lid worden van de coöperatie; die leden bepalen gezamenlijk het beleid; zij benoemen ook een bestuur en dat vergroot de onderlinge betrokkenheid. “Als lid ben je mede-eigenaar van de coöperatie en dat voelt goed”, weet Anne. “Die gezamenlijkheid leidt tot het gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid en dat geeft positieve energie om samen zaken op te pakken en de schouders eronder te zetten – ook op langere termijn.”

Deze groep internationale studenten van de Wageningen University waren tijdens een projectweek betrokken bij de ontwikkeling van de Kloostertuin.
Deze groep internationale studenten van de Wageningen University waren tijdens een projectweek betrokken bij de ontwikkeling van de Kloostertuin.
Prins Chris de 1e en de Raad van Elf plantten samen met Kloosterbuurders fruitbomen in de nieuwe boomgaard.
Prins Chris de 1e en de Raad van Elf plantten samen met Kloosterbuurders fruitbomen in de nieuwe boomgaard.

Het heden als verbinding tussen toen en straks
Dat is en blijft nodig: een stevige basis en een lange adem. “Sinds december 2016 draaien we geheel zelfstandig ‘t Olde Heem”, zegt Anne vol trots. “Het was een lange en interessante route. Om hier te komen heb je de politieke en de bestuurlijke overheid nodig, lokaal, provinciaal en landelijk. Ook de zorgverzekeraars, want bij deze nieuwe werkwijze heb je met regelgeving te maken die lang niet altijd adequaat is. Ook hier is het nodig samen te kijken wat nodig is en hoe het haalbaar en betaalbaar blijft, ook in dunbevolkt gebied.”

Bij de directe zorg voor kwetsbare dorpsgenoten stopt het avontuur van de coöperatie niet. “De waarden van vroeger en van nu vormen de basis voor de toekomst van onze dorpen. Daarom hebben we de Kloostertuin vernieuwd, daarom biedt ’t Olde Heem ook ruimte aan de bibliotheek en aan het algemene zorgsteunpunt en daarom heeft dagbesteding MienToentje zo’n grote meerwaarde voor alle dorpsbewoners. Want de mensen voor wie deze dagbesteding is opgezet, dragen met hun inspanningen direct bij aan de leefbaarheid van het dorp; bijvoorbeeld door hun werk in de huishouding van ‘t Olde Heem en bij het onderhoud van het Hertenkamp en het kerkhof rond de Nicolaaskerk.” Het volgende project van Klooster&Buren is de herbestemming van de Nicolaaskerk (1843). Op verzoek van de coöperatieleden wordt het een bijzondere plek van samenkomst voor het dorp en de wijde omgeving. De Nicolaaskerk staat op het hoogste punt van het oude kloosterterrein en representeert zo een lange traditie van gemeenschapszin. “In deze traditie was alles in het dorp en de omgeving met elkaar verbonden. Dat is in de loop der tijd steeds meer van elkaar losgeraakt. Met de geschiedenis als inspiratiebron willen we vanuit de coöperatie die verbinding tussen de monumenten, de zorg, de kloostertuin en het hertenkamp terugbrengen. Zo bouwen we op deze unieke plek samen een nieuwe structuur en een nieuwe vitale toekomst voor jong en oud.”

Klooster&Buren en Blue Zone:

In beweging

  • Een reis van duizend kilometer begint met één stap. (Lao Tse)


Goed eten

  • Gezamenlijke kloostertuin, met medewerking van MienToentje, buren en de basisschool.


Goed gevoel

  • Ja, het kán anders.
  • Zorgen voor elkaar, door alle generaties.
  • Samen de vraag bepalen en het aanbod hierop afstemmen.
  • Vanuit het ‘doen’ de verandering genereren.
  • ‘Actief bijdragen’ en ‘ontvangen’ zijn in evenwicht.
  • Sublieme eenvoud: ook bij een krap budget kiezen voor kwaliteit.


Voel je verbonden

  • Iedereen is welkom.
  • Samen creatief werken aan mogelijkheden en oplossingen.
  • Vanuit de gezamenlijke verbondenheid het ‘systeemdenken’ inspireren.
  • Ruimte voor burgerparticipatie benutten en vergroten waar nodig.
  • Ruimte om de verbinding te voelen en uit te breiden tot de regio, landelijk en internationaal.


Inspirerende omgeving

  • Het oudste kloosterterrein van de provincie Groningen als inspiratie.
  • De omgeving, de grond, de bewoners: waarden in achtergronden, cultuur en talenten.
  • Wonen, werken, leren, zorg en cultuurbehoud verbinden.
  • De tijd nemen voor het ontwikkelen van een eigen visie en werkwijze.
  • Uitgangspunt: overal zijn de juiste ingrediënten aanwezig.